De conclusies op een rij
Reportage: Commissie Davids: geen mandaat voor inval Irak
De Commissie Davids heeft dinsdag haar Irak-rapport gepresenteerd. De commissie komt in totaal met 49 conclusies. Hier vindt u een overzicht van de belangrijkste.
- De Veiligheidsraadresoluties over Irak gaven geen mandaat voor het Amerikaans-Britse militair ingrijpen in 2003. Anders dan de Nederlandse regering heeft gedaan, kan men de tekst van resolutie 1441 niet uitleggen als een vrijbrief voor individuele lidstaten om zonder verdere besluitvorming door de Veiligheidsraad de naleving van de resoluties met militair geweld af te dwingen.
- Zowel de AIVD als de MIVD beschikte nauwelijks over zelfstandig ingewonnen informatie over het Iraakse programma voor massavernietigingswapens. Beide diensten baseerden zich vooral op de rapporten van de VN-wapeninspecteurs en op berichten van buitenlandse inlichtingendiensten.
- De regering heeft tegenover de Staten-Generaal geen volledige opening van zaken gegeven over het verzoek dat de Verenigde Staten ons land op 15 november 2002 deed om mee te werken aan de planning van de opbouw van een militaire macht die Irak moest dwingen om toe te geven aan de Veiligheidsraadresolutie 1441.
- De minister-president heeft aanvankelijk weinig of geen leiding gegeven aan de debatten over de kwestie-Irak; hij liet het Irak-dossier geheel over aan de minister van Buitenlandse Zaken. Later (na januari 2003) is hij zich wel intensief met dit dossier gaan bemoeien, maar het regeringsstandpunt, zoals door Buitenlandse Zaken geformuleerd, lag toen vast.
- Er is geen bewijs voor de beweringen dat Nederland een actieve militaire bijdrage zou hebben geleverd aan (de voorbereidingen van) de inval in Irak.
- Bij het besluit om aan de oorlog in Irak politieke steun te verlenen heeft een eventuele benoeming van De Hoop Scheffer tot secretaris-generaal van de NAVO geen rol gespeeld.
- De Nederlandse discussies over Irak in de periode 2002-2003 speelden zich af tegen de achtergrond van turbulente maatschappelijke en politieke ontwikkelingen. In die politiek onstabiele situatie ging de aandacht van de Nederlandse bevolking in de eerste plaats uit naar binnenlandse onderwerpen. Een breed maatschappelijk debat over Irak bleef uit. De discussie werd in beperkte kring gevoerd via de media. (Bron: Onderzoekscommissie Irak)
Foto, ANP






