Sportrechten en de Publieke Omroep
Uitzending van 18 juni 2003
Het is een goed bewaard geheim in omroepland: hoeveel betaalt de Publieke Omroep aan sportrechten? Hoeveel wordt er betaald, en hoe is dit bedrag gerechtvaardigd - het gaat immers om publiek geld. En wie controleert deze uitgaven?
Ware wedloop
In de afgelopen vijftig jaar is er een ware wedloop ontstaan om de tv-rechten van sportevenementen. In de jaren vijftig werd ‘slechts’ 500 gulden betaald voor een interlandwedstrijd. Officieel betaalde de Publieke omroep in 1966 voor het eerst voor beelden van de nationale competitie. De KNVB kreeg destijds een kwart miljoen gulden voor de beelden van het hele seizoen.
Explosie tarieven
Omdat de NOS een monopoliepositie bezat was dat bedrag ruim 20 jaar later ‘slechts’ twee miljoen gulden. Eind jaren tachtig werd sport meer en meer een produkt met een vaste amusementswaarde. Er ontstonden commerciële omroepen die alleen sport gingen uitzenden, zoals Eurosport. De opkomst van deze nieuwkomers én van nieuwe kabel- en satelliettechnieken zorgde voor een explosie van de tarieven. Zo werd in 1992, vier jaar later, al 17 miljoen gulden betaald voor de voetbalrechten.
62 miljoen euro
Volgens de berekening van Netwerk gaf de Publieke Omroep vorig jaar ruim 62 miljoen euro uit aan sportrechten. Op basis van achtergrondgesprekken kwamen we tot de volgende - door de NOS niet bevestigde - bedragen:
Daartegenover staan de geschatte inkomsten van de STER: 40 miljoen euro per jaar. Zelfs als er veel adverteerders zijn is sport op televisie niet winstgevend.
Kosten per minuut
Ook zijn de kosten per uitgezonden minuut de afgelopen jaren flink gestegen voor sportprogramma’s: in 1999 kostte één minuut sportprogramma nog 566 euro, in 2001 was dat 833 euro. Ter vergelijking: de kosten voor informatieprogramma’s lagen in 2001 op 380 euro per minuut.
Invloed op inhoud
Afgezien van de kosten proberen sommige partijen ook invloed uit te oefenen op de inhoud van de sportprogramma’s. Een voorbeeld hiervan is de NV Eredivisie. Onderaan deze pagina staan bronnen gelinkt die aantonen dat de NV zijn eigen eisen en doelstellingen heeft.
Positiever imago
Jan de Jong, hoofd marketing en communicatie van de NOS, gaf in 2002 op een lezing enkele redenen voor de grote aandacht voor sport bij de publieke omroep: sport smeedt nationale identiteit en is een belangrijke bron van nieuwsfeiten. Daarbij draagt sport volgens De Jong bij aan een positief imago van de omroep en trekt het relatief veel jonge kijkers.
Concessieplan Publieke Omroep
In het Mediabesluit staat vast dat de Publieke Omroep aandacht besteedt aan sportverslaggeving ‘in brede zin’. De omroep heeft zich in het Concessieplan 2000-2010 beperkt: sport mag tussen de negen en elf procent van de totale zendtijd innemen - afhankelijk van de grote sportevenementen (WK voetbal, Olympische Spelen) die er plaatsvinden. In de afgelopen jaren gaf de Publieke Omroep zo’n zestien procent van het budget uit aan sport.






